28.5.10

of-ik-die-bril-wel-nodig-heb

Nee, ik ben een intellectueel.
Nee, die naaktheid is me anders gewoon teveel.
Nee, maar je mag 'm niet hebben.
Nee, maar de bril mij wel. Het is een parasiet.
Nee, nu je het zegt, ik ben eigenlijk niet zo visueel ingesteld.
Nee, maar ik weet nu eenmaal niet beter.
Nee, het is slechts een secundaire levensbehoefte.
Nee, want ik doorzie je vraag nog steeds niet.
Nee, maar is dat een noodzakelijke voorwaarde dan?
Nee, maar ik kreeg 'm vergoed van de verzekering.
Nee, net zomin als die lastige bijziendheid.
Nee, maar de bijwerkingen ervaar ik grotendeels wel als prettig.
Nee, niet specifiek, nee.
Nee, maar kennen wij elkaar?







Ja dus.

26.4.10

kassapoëzie - de siekwel

lopend vertraagt de pas haar
treden naar / in een onzeker
heden daalt de toekomst op
haar schreden terug.
Mocht het baten? Men dacht
van niet.
Zwalkend drentelt men alles
teniet.

...en einde.

P.S.: we doen dit nooit met opzet.

19.4.10

kassapoëzie - wa, rijmt da nie?

(nee, er valt niks van te rijmen)

ISBN verkeerd verbonden, word ik
word ik uitgezonden? deprimée,
mijn achternaam, gezet in steen,
hamerslag kraakt lucht en schiet open,

blijft daar gaan, een razend
stillen: draagkracht vlakt en
stroom - bulder door het malend
gezwel; o mijn weerkaatsend-e
lede-maat: ik zeg 't toch, ik zei
't al, maar wilde niet: "woord".
Zie, onaangedaan voleisend soort. Eiland.

4.4.10

Citatentijd

Omdat Milan Kundera zich mooi aan de woorden wijdt, hierbij een paar passages:

"De opbloei van de wetenschappen dreef de mens in de kokers van de gespecialiseerde disciplines. Hoe verder hij voortgang boekte in zijn weten, des te meer hij het geheel van de wereld en van zichzelf uit het oog verloor, zodat hij zo verzonk in dat wat Heidegger, leerling van Husserl, in een mooie en bijna magische formule de 'vergetelheid van het zijn' noemde." -p.9

"De mens wenst zich een wereld waarin het goed en het kwaad duidelijk van elkaar te onderscheiden zijn, want in hem huist het ingeschapen en ontembare verlangen te oordelen alvorens te begrijpen. Op dat verlangen zijn alle religies en ideologieën gebaseerd. Deze kunnen zich niet met de roman verzoenen als ze de relatieve en ondubbelzinnige taal ervan niet vertalen in hun apodictische en dogmatische theorieën. Ze willen dat er iemand gelijk heeft. (...)
In dat 'of dit-of dat' is het onvermogen begrepen om de essentiële relativiteit van de menselijke dingen te verdragen, het onvermogen om de afwezigheid van de Opperrechter onder ogen te zien. Vanwege dit onvermogen is de wijsheid van de roman (de wijsheid van de onzekerheid) moeilijk te accepteren en te begrijpen." -p.12

"In de verveling van de dagelijkse sleur winnen de dromen en dagdromen aan belang. De verloren oneindigheid van de buitenwereld wordt vervangen door de oneindigheid van de ziel. De grote illusie van de onvervangbare uniciteit van het individu, een van de mooiste Europese illusies, ontluikt." -p.13

Allen van de eerste pagina's uit De kunst van de roman van Milan Kundera, een verzameling interessante en prikkelende essays. Geprikkeld? Gaat dat lezen, dit is nog maar het topje! (en we weten allemaal dat topjes er zijn om uit te trekken)

17.3.10

Help, mijn broek hoest


Als je bent wat je eet,
dan was je wat je schijt;
conservatisme
heeft nog nooit mijn neus verblijd.



Drijvende drollen in het riool der verrotting; het moeras van de samenleving stinkt vooral door wat er bovenop drijft en bovenuit dampt; ik laat een remspoor achter als ik me voortsleep, naar voren; ook al vindt mijn kont elke zitplaats wel gerieflijk, de rest is rusteloos want er is teveel scheef dat recht (NB: mooi scheef is ook recht overigens) kan/moet zijn...en dan duiken in de diepe stronthoop en vrolijk wroeten, woelen, selecteren en de harde ontlasting knuffelen tot het moes is?

10.3.10

mensLelijkheid

Al die zieke, al die huichele,
al die ziekelijke huiche mensen
klaagsteen-blaag, vol van kinders wensen
zoekend naar ik-ik-ik: ik heeft geen grenzen.

En dan kruipt er één ineen,
schuilt voor de slagen-stok
van al die vingers, wijzend door haar
heen, naar ik-ik-ik.
En die één die zij die ik
die valt ineen, krimpelt, strompelt voort
Het gewicht op de wereld van haar schouders.

5.2.10

wereldje wereldje o zo klein

...o o, en toch zo fijn.
Want er is toch nog genoeg te zien, toch? Teveel voor één mens, en dan zijn er ook nog al die nuances enzo overal. Als je begrijpt wat ik bedoel. Wat dus gezegd wil worden: er is zo'n uitdrukking 'niet van deze wereld'. Wordt vaak gebruikt om iets buitengewoons aan te duiden. Eigenlijk een heel rare uitdrukking, zo vanne alsof er op deze aarde niets subliems gevonden kan worden. En dan wordt dat ook wel eens in muzikale contreien gebruikt, die uitdrukking. En dat terwijl kunst toch wel een heel menselijke bezigheid is (los van het mogelijke gegeven dat er ook nog buitenaardse kunsteligheden bestaan). Dan lijkt me zo: als je zegt 'o goh, niet van deze aarde, other-wordly gewoon!', dat je dan zegt dat het verbluffend is, maar dat het je niet raakt in je menselijkheid. In je op-de-wereld-zijn. Je met-de-wereld-zijn. Wanneer iets je echt raakt, en niet alleen maar overbluft als een heel knap kunstje of een verbluffend staaltje ontwikkeld vermogen, dan noem je iets toch gewoon 'werelds'? Is dat niet het grootste compliment? Het gaat niet om de mechanische, analyseerbare perfectie, maar om precies datgene wat je in doet leven en niet zozeer versteld doet staan. In ieder geval bij muziek dan hè.

En wat dacht je van 'Een bescheiden mens telt voor twee'? Een nieuwe neologistische uitdrukking, waar het niet gaat om een gewaarschuwd mens dat extra op haar hoede is, maar om een persoon die in haar vorm van bescheidenheid niet alleen zichzelf meetelt maar altijd met die ander rekening houdt.
Zo, dat sluit een nieuw uit de lucht gegrepen bericht af op dit daar ooit voor in het leven geroepen internetadres.

4.2.10

Seduced By Incubus...

It's so much better
when everyone is in.
Are you in?

Are you are you are you
Are you are you are you
Are you are you are you
Are you are you are you
Are you are you are you
Are you are you are you
(Everybody everybody in)

27.1.10

a Draconian _ Cry of Silence

As darkness swells up from within
and towering clouds rain from above
No one can walk away
from inner rot

There is no way to the sides
We cannot fly
All we can
is dive

To find peace therein
is to merge with yourself
and indulge in
darkest hopes

Here we go

11.1.10

het staat voor alles

Waar het misgaat bij bijvoorbeeld een bepaald slag politici: het bevechten van intolerantie wordt gedaan met behulp van niets anders dan intolerantie. Conservatisme met conservatisme. Haat met haat. En haat voedt haat. Men houdt elkaar in stand door vernietiging, vernietiging van hoop, optimisme en mogelijkheden. Het is net zoiets als een spiraal van geweld: men laat zich erdoor meeslepen en daalt steeds verder af in een wereld waarin de uitgang steeds moeilijker te vinden is. En het is allemaal niet nodig. Hebben we niet allemaal geleerd dat je op a geen a moet zeggen, maar b? (of was dat nou iets anders…) We moeten een ander geluid gaan laten horen, en hoognodig ook (voordat die uitgang schier onbereikbaar wordt).

Ooit, niet zo heel lang geleden, had men duidelijk begrepen welk geluid er gehoord moest worden: een vreedzaam geluid. Hippies en idealisten zijn zo gek nog niet. Het enige probleem is dat de zachtaardige gesteldheid van het geluid toe heeft gelaten dat alles er uiteindelijk overheen walste. Men verloor al snel die eigen, heel simpele idealen uit het oog, en als men die al behield, behoorde men voortaan tot een groep in de samenleving die verdrukt en zonder rol van betekenis in een hoekje stond te verkleumen. Het pacifisme blijkt als ideaalstroming op zich niet sterk genoeg om te overleven. Dus is het hoog tijd voor een nieuwe formele term die dat mooie geluid weer nieuw leven inblaast. Een term die iedereen, ook de meest intolerante klootzak, maar al te goed zal begrijpen en niet zo makkelijk zal durven negeren. We stellen aan u voor: offensief pacifisme.

We gaan het geweld bedelven onder grote hopen loodzware vrede.
We verstikken de haat met nevels van onverzettelijke liefde.
Er zal gevochten worden, en niemand zal sneuvelen.
Daadkracht, de kracht van de daad op zich zal zegevieren.

Maar is dit niet al veel eerder gedaan? Hebben ze daar niet allang een term voor? Heette dat niet flower power? Waarom zijn we dat kwijtgeraakt? Waar is het heen gegaan? Dit symbool:



Dat is alles wat er te zeggen valt. En het is al gezegd, en het is al gedaan. Dus wat rest ons nu nog? We kunnen het alleen nog maar herdenken.

Her-denken. Dat is meer dan een nostalgische terugblik (of dat zou het dan toch tenminste moeten zijn). Het is een her-nemen, een her-beleven en uiteindelijk een her-leven. Er moet nieuw leven in geblazen worden. En wel met een hele lange adem. Geen holle frasen meer, geen grapjes, geen flauwdoenerij, en vooral niet de aandacht laten verslappen. Want dan wordt er over je heen gewalst door al het tegengeluid dat er nog is. Dan raak je het kwijt of eindig je in een hoekje. Dus laten we nu eindelijk eens met een serieus oor luisteren naar een boodschap die toch vaak te lichtzinnig werd behandeld: All you need is love. Love is all you need.

7.1.10

Boom

geciteerd van een paar blaadjes:

543
"Who has never killed an hour? Not casually or without thought, but carefully: a premeditated murder of minutes. The violence comes from a combination of giving up, not caring, and a resignation that getting past it is all you can hope to accomplish. So you kill the hour. You do not work, you do not read, you do not daydream. If you sleep it is not because you need to sleep. And when at last it is over, there is no evidence: no weapon, no blood, and no body. The only clue might be the shadows beneath your eyes or a terribly thin line near the corner of your mouth indicating something has been suffered, that in the privacy of your life you have lost something and the loss is too empty to share."

545
"Make no mistake, those who write long books have nothing to say.
Of course those who write short books have even less to say."

337
"He tries to escape his invention but never succeeds because for whatever reason, he is compelled, day and night, week after week, month after month, to continue building the very thing responsible for his incarceration."

546
"The house is history and history is uninhabited."


uit "House of Leaves", Mark Z. Danielewski

3.1.10

The Catcher In The Rye

An excerpt of ingeniousity:


"The cab I had was a real old one that smelled like someone'd just tossed his cookies in it. I always get those vomity kind of cabs if I go anywhere late at night. What made it worse, it was so quiet and lonesome out, even though it was Saturday night. I didn't see hardly anybody on the street. Now and then you just saw a man and a girl crossing a street, with their arms around each other's waists and all, or a bunch of hoodlumy-looking guys and their dates, all of them laughing like hyenas at something you could bet wasn't funny. New York's terrible when somebody laughs on the street very late at night. You can hear it for miles. It makes you feel so lonesome and depressed. I kept wishing I could go home and shoot the bull for a while with old Phoebe. But finally, after I was riding a while, the cab driver and I sort of struck up a conversation. His name was Horwitz. He was a much better guy than the other driver I'd had. Anyway, I thought maybe he might know about the ducks.
"Hey, Horwitz," I said. "You ever pass by the lagoon in Central Park? Down by Central Park South?"
"The what?"
"The lagoon. That little lake, like, there. Where the ducks are. You know."
"Yeah, what about it?"
"Well, you know the ducks that swim around in it? In the springtime and all? Do you happen to know where they go in the wintertime, by any chance?"
"Where who goes?"
"The ducks. Do you know, by any chance? I mean does somebody come around in a truck or something and take them away, or do they fly away by themselves-go south or something?"
Old Horwitz turned all the way around and looked at me. He was a very impatient-type guy. He wasn't a bad guy, though. "How the hell should I know?" he said. "How the hell should I know a stupid thing like that?"
"Well, don't get sore about it," I said. He was sore about it or something.
"Who's sore? Nobody's sore."
I stopped having a conversation with him, if he was going to get so damn touchy about it. But he started it up again himself. He turned all the way around again, and said, "The fish don't go no place. They stay right where they are, the fish. Right in the goddam lake."
"The fish, that's different. The fish is different. I'm talking about the ducks," I said.
"What's different about it? Nothin's different about it," Horwitz said. Everything he said, he sounded sore about something. "It's tougher for the fish, the winter and all, than it is for the ducks, for Chrissake. Use your head, for Chrissake."
I didn't say anything for about a minute. Then I said, "All right. What do they do, the fish and all, when that whole little lake's a solid block of ice, people skating on it and all?"
Old Horwitz turned around again. "What the hellaya mean what do they do?" he yelled at me. "They stay right where they are, for Chrissake."
"They can't just ignore the ice. They can't just ignore it."
"Who's ignoring it? Nobody's ignoring it!" Horwitz said. He got so damn excited and all, I was afraid he was going to drive the cab right into a lamppost or something. "They live right in the goddam ice. It's their nature, for Chrissake. They get frozen right in one position for the whole winter."
"Yeah? What do they eat, then? I mean if they're frozen solid, they can't swim around looking for food and all."
"Their bodies, for Chrissake-what'sa matter with ya? Their bodies take in nutrition and all, right through the goddam seaweed and crap that's in the ice. They got their pores open the whole time. That's their nature, for Chrissake. See what I mean?" He turned way the hell around again to look at me.
"Oh," I said. I let it drop. I was afraid he was going to crack the damn taxi up or something. Besides, he was such a touchy guy, it wasn't any pleasure discussing anything with him. "Would you care to stop off and have a drink with me somewhere?" I said.
He didn't answer me, though. I guess he was still thinking. I asked him again, though. He was a pretty good guy. Quite amusing and all.
"I ain't got no time for no liquor, bud," he said. "How the hell old are you, anyways? Why ain'tcha home in bed?"
"I'm not tired."
When I got out in front of Ernie's and paid the fare, old Horwitz brought up the fish again. He certainly had it on his mind. "Listen," he said. "If you was a fish, Mother Nature'd take care of you, wouldn't she? Right? You don't think them fish just die when it gets to be winter, do ya?"
"No, but-"
"You're goddam right they don't," Horwitz said, and drove off like a bat out of hell. He was about the touchiest guy I ever met. Everything you said made him sore.

p.81-83

On the textuality of sex

Two blogs earlier I reported about this idea:

That woman is not an origin but a 'writing effect' (écriture feminine). Claim: not sexuality of the text, but textuality of sex (sex is a product of writing).
I couldn't understand what it meant then. Now I think I may do (partly). It may be very easy.
--------
The claim may be: there is no sexuality of the text, but textuality of sex.
-possibly claimed by: Hélène Cixous
----------
It is the idea that 'woman' is not so much a biologically identifiable characteristic, as it is a culural one. We may all know the distinction nature/nurture: shortly, the difference between what is genetically caused and what formed you culturally/educationally/etc. What Hélène Cixous now claims, is that what understand to be typically female, is mostly or even only so because of the image we created of female and feminine. We invented 'woman' by writing her in all her nuances, and now women are measured by that image and forced to meet the invented expectations. So when Hélène Cixous says: no sexuality of the text, she means that the text doesn't show us any 'real' sexuality: the female sex exists only within the textual: 'textuality of sex'.
Or: another interpretation of her claim could be as follows:
----
The claim may be: there should be no sexuality of the text, but textuality of sex.
-possibly claimed by: Hélène Cixous
-------
This means something different: it would mean that one should be free of one's biological origin when writing. Any person should be able to write anything, without worrying about what he or she might be for real. Also, the writing should build the idea of your sex, and not the other way around; you shouldn't write from a conviction about your own biological origin and of that of others. You should be writing from a perspective of freedom, letting identity grow while the words flow. Writing shouldn't be a thing of fear and defense. Maybe I'm overdoing this now. But the point at least is: a text always is sexually tainted, and to claim it to be 'just this' or 'just that' does injustice to a text, as everyone may be reading differently into it. That is the textuality of sex we may be looking for: creating it from reading, growing conscious of it culturally, in a free way.
--------
Maybe it's not so simple, maybe it's not so easy.
Waddoyouthink?

25.12.09

Kerstgedachte

Used to be a tradition to enforce peace. What's left of it now? It has become a tradition with the central theme 'for the sake of peace'. It has become a thing about holiness and laws, rules and habits. The always optimistic Dutch say 'voor de lieve vrede', which says it all: it is pure hypocrisy, it is not about real peace. But let us keep it cosy. Fuck it. Break with it.

En als de hele wereld zegt dat ik gek ben, zeg ik dat de hele wereld gek is.
En als iedereen me haat om wat ik ben, haat ik iedereen om wat zij niet is.
Zij kan het zijn.

Laten we het eens anders doen. Iets van de origine oppakken. Alleen doen wat echt goed voelt. Luisteren. Want hoe lang kun je dit volhouden? Als het gewoon niet goed voelt?

And you want to say so much more. But the words walk all around you. They just need to be spoken out. Out-spoken.

18.12.09

txetxes

Sexuality of the text >
Textuality of sex.
How about that being poetic?
No one can from now on make this claim:
that literary criticism can't be:
/literary
/sensual
/entertaining in itself.

It is an autonomous world!
We all live in our own world!
And do we dance on common ground?
Do you need to understand the words?
Or do they just need to speak to you (some, sometimes)?


Derived from: Hélène Cixous: about the idea that woman is not an origin but a 'writing effect' (écriture feminine). Claim: not sexuality of the text, but textuality of sex (sex is a product of writing). What all this means? I do not know as of yet. So sorry, no explanations here.

9.12.09

vocabu leren

Een strateeg is iemand die de grote lijnen van een 'veldslag' overziet, beheerst, in kaart brengt, opzet, manipuleert of wat dan ook. Een tacticus is een vrouw/man van overleg en handigheid. Ten opzichte van de strateeg speelt dit zich af op een kleiner en overzichtelijker alsook tastbaarder niveau. 'Tactisch' wordt ook vaak gebruikt om een kortere termijn dan 'strategisch' aan te duiden (onder andere zeer gebezigd in bepaalde managementtaal). 'Tactiel' betekent dan ook:
1) de tastzin betreffend;
2) tastbaar, voelbaar.
Men beschouwt zaken op kortere termijn immers als voelbaarder, toch? Het lijkt een logisch taalkundig verband. Maar wat belangrijker is: ik vind 'tactiel' een mooi woord. Zo leer je nog eens wat aan de hand van een artikel over Atelier tafel waarin 'strategisch' en 'tactisch' tegenover elkaar worden gezet en je jezelf afvraagt wat eigenlijk het verschil is.

20.11.09

Live the dream

Dat je daar soms op gewezen moet worden door iemand of iets. Of door meerdere iemanden of ietsen. Of een combinatie daarvan. Een samenloop van omstandigheden. Waar jij dan onderdeel van bent. Dat dat soms nodig is om te beseffen waar het eigenlijk om gaat (zie titel).

Er het meeste uit halen. Het was nog niet eens zo heel lang geleden (er was eens een tijd...) dat het voor velen niet weggelegd was om ooit iets van een uitzicht op zee te hebben. Reizen ging nou eenmaal te voet of via paard/ezel/rund, en dan is een kustlijn soms best ver weg. Natuurlijk waren er altijd van die mensen die overal op leken te kunnen duiken en in elk taalgebied een kennis hadden, maar dat even daargelaten. Tegenwoordig kun je binnen een (al dan niet natte) scheet en een zucht zorgen dat je aan het andere eind van de wereld zit. Voor een weekje ofzo, mocht je daar behoefte aan hebben. Je kunt eigenlijk altijd overal komen, de vrijheid wordt niet meer ingeperkt door vervoerstechnische perikelen. En dankzij ons kapitalistische systeem is het voor velen ook nog makkelijk te betalen tegenwoordig (over die anderen gaan we het heus nog wel hebben, maar nu niet). En wat krijg je nu? Een strikt aantal dagen vrij per jaar als je in het uniform zit, en een constant smeken en afkeurende blikken van de hele godganse 'traditioneel christelijke' samenleving als je je vrijheid op wilt eisen om te doen waar je naar verlangt. Geef het even een jaar vantevoren aan enzo, verantwoordelijkheidsgevoel voor je werk zus, de hele reutemeteut. Ik bedoel, als ik christelijk zou zijn, en dan zo eentje die in God geloofde, dan zou ik mijn leven echt wel heel bewust en dankbaar koesteren en niet weggooien aan verantwoordelijkheidsgevoel voor zinloosheid en meebuigzaamheid met bekrompenheid. Dan zou ik me verdomme verplícht voelen om het onderste uit de kan te halen. En om dat verantwoordelijkheidsgevoel terug te halen: dan zou dat ook gelden voor het meesleuren van iedereen in je utopische wereldbeeld (lap, daar komen die achtergestelde minder vrije 'anderen' meteen impliciet aan bod).

Natuurlijk is dat hele reizen niets anders dan een grote boze metafoor. Het geldt voor alles. De hele tijd naar je hypotheek kijken en je zorgen maken over dit en dat. En da ding onder je voeten draait gewoon door, telt je af. Vergeet niet te carpe diemen.

Dus het wordt weer eens hoog tijd om te denken: wat zit er in mezelf? Wat wil ik nou? Voel ik me wel goed bij waar ik nu mee bezig ben? Waar leidt dit heen? Naar meer heen-leiden? Of naar wat ik wil? En dan zet je overboord wat je dwarszat, voel je je weer licht in je hoofd en kun je weer genieten. Er is altijd een weg. En anders kun je beter weg zijn dan dat donkere bos in gestuurd te worden. Gas erop, erdoor of eronderdoor. Dat is toch het leven, dat is toch de droom? Of niet? Vergeten we dat soms te lang? Ik denk het wel. Maar we kunnen het altijd terugkrijgen.

12.11.09

Tijdloper

Tijd is net



zand

:


het stroomt er

bij je tenen


weer uit

...

en glijdt langs

je vingers


,



en voor je het weet


ben je weer

een heel eind verder












maar nog steeds
op dezelfde plek.






-------------------------

((Rede:
En hoe langer je je best doet om
naar boven terug te grijpen,
naar dat beginpunt,

(...)
het is wéér verder weg!
Je daalt alleen maar af.


"Every breath leaves me
one less to my last"
*


Dus je kunt maar beter vooruit kijken
en een mooie sprint trekken.
(etc.)

))


*Pull me Under, Dream Theater

5.11.09

Does this help me?

There are roughly two major turns in epistomology (which roughly means theorizing about the possibilities of knowledge: "what can we know?"): the first was the so-called Kantian turn towards the subjectivity of it all: one can not overcome its own experience/perspective, and thus objective knowledge in the sense of knowledge from a neutral point of view wouldn't be possible. The second turn even took away that possibility of subjectivity: the contact with reality was being broken by all intermediating elements in the cultural world: the sign ruled our world and covered up what is underneath this sign: the real thing. Now what do we believe? Can we not ever view something pure, without all kinds of signals in our brains telling us what this is and would be according to connotations brought up by language? Well, does this even bother, this language? Is it really distorting reality? Isn't it simply what in the first turn was called 'subjectivity'? And if so, then what about this subjectivity anyway? So what if we constantly have this personal perspective. It is all there is. To say it is not objective knowledge would be like claiming there actually is a higher form of knowledge concerning these simple objects. Like God. And o boy did Kant believe in God. Well, I don't believe in his God, or His God's eye view for that matter. So where does that lead us. It leads us to subjective knowledge as the ULTIMATE knowledge. There may be other kinds of knowledge, but this is where it all comes from. Now what about that? Does this mean anything to you? Does this help?

2.11.09

Cyborg, part 1

De eerste,
oké, de eerste twee,
maar de eerste keer dat
(en definitief de laatste)
de stap gezet wordt
van complete eigenheid
naar een stukje verlies

of aanwinst? -zo voelt het niet

een oneigenheid in het eigen lichaam.
Dat is wat het is.
En ben ik nu (dan)
niet meer ik?

Of moet ik gewoon zeggen:
ik heb twee gaatjes,
en die gaan mooi gevuld worden.
En dan zijn ze er niet meer.
Jaja.

Dit was Bart.
Over en uit,
tot het volgende bericht.

22.10.09

of(f)/on-draaglijk

De exclusief inclusieve "of"

...en daarom moeten er lijnen getrokken worden, lijnen tussen het één en het ander. Een verbinding van zus met zo. Twee gedachtes die hetzelfde betekenen. Een brug tussen literatuur en filosofie, tussen natuurkunde en psychologie, tussen schilderkunst en autorijlessen.

Waarom? Om te filteren. Om alles niet steeds te herhalen en daarmee te verdwalen in een labyrint van herformuleringen. Herformuleringen gepresenteerd als onderlinge onenigheden en twistgesprekken. Alles veroorzaakt door onbegrip. Onbegrip veroorzaakt door een gebrek aan overzicht. Geen klaarte, geen open helderheid van zaken. (we laten onwil er even buiten) Er wordt teveel gezegd, en daarom komt er alleen maar meer bij. Wordt er echt iets opgelost? Laten we dingen tegen elkaar wegstrepen. Franz zegt:

"De onderwerpen zijn ontelbaar, want je kunt in deze wereld over alles een verhandeling schrijven. De volgeschreven vellen papier stapelen zich op in archieven die troostelozer zijn dan kerkhoven omdat niemand ze betreedt, zelfs niet op Allerzielen. De cultuur verdwijnt in de geproduceerde hoeveelheid, onder een lawine van letters, in de waanzin van kwantiteit." *

-Minder woorden voor meer: mensen willen vaak met een uitputtende hoeveelheid woorden één ding onomstotelijk zeggen. Ik zou graag met een onuitgeputte, leesvrijheid veroorzakende kleine woordenstroom heel veel mogelijke dingen zegbaar laten zijn. Ik hoop dat mijn aanstaande verhaal er eentje zal zijn van zo'n schoonheid. Het duurt een jaar naar leesbaarheid.

*Milan Kundera, De ondraaglijke lichtheid van het bestaan, Houten/Baarn, Uitgeverij Agathon/Ambo, 1988, p.123

13.10.09

Blind en Naamloos

Toe maar, oogjes toe,
hier is niets te zien,
het is
het bekijken
allemaal niet waard;
keer in
de wereld in je hoofd
waar lichtjes flitsen
en routes vormen
van neurotische gebaren naar

een wereld die je zojuist buitensloot.
Houdt het dan nooit op?
Nee en ja.
Niemand ís blind.

24.9.09

Free Speech For The Dumb

What I would say to yet another being claiming power over others:

"Houba houba! You're pounding your chest like some ape-man trying to convince his own soul of its overruling strength and right to oppress the other. Look at how ridiculous you are! You're acting like the big testicles of a stupid lion only wanting to spread the sperm. You cannot think clearly and can thereby not conceive other beings like yourself as beings with the same rights of existence. If I could, I would suck all the testosteron out of your blood and spit it into the depths of hell with disgust. Maybe what then remains of you would be something more resembling a fellow human being. You stupid piece of shit, can't you see what miserable place your kind of behaviour has turned the earth into? Oh, just fuck off and leave us all alone. Please!"

...or something like that.
goddamnit

23.9.09

Nieuwsflash

Je bent niet van porselein.
Misschien heeft je moeder je dit nog ooit wijs weten te maken, maar dan wordt het nu toch echt hoog tijd om ook te ontdekken dat je moeder niet altijd gelijk heeft, laat staan het laatste woord.
Dat je niet van porselein bent, heeft enkele gevolgen:

1
Je breekt niet in duizend stukjes als iemand er even iets uit schreeuwt dat om schreeuwen vraagt. Dus alsjeblieft, bij heftige emoties hoort heftige muziek. En als je geen heftige emoties kent, ben je maar half mens.

2
Je kunt stuiteren. Dat betekent dat je van mening kunt veranderen, klappen kunt absorberen en het niet erg vindt om een andere richting te verkennen als die op je pad komt.

3
Als je een andere stuiterbal tegenkomt die jou een andere richting op wil duwen, blijf je ook gewoon heel flexibel. Je begint niet met scherven te gooien als ware je een primitief oorlogstuig. Waarom niet? Omdat je geen scherven hebt. Je absorbeert andere richtingen en trekt er je eigen plan uit. Als iemand eens flink tegen je aan stuitert, is dat niet kwaad bedoeld. Die ander weet heus wel dat je niet kunt breken, ook als je dat zelf niet weet. Je weet zelf trouwens toch ook heel goed dat een stuiterbal pas interessant wordt als de stuiteropeenvolgingen complexer worden?

4
Een stuiterbal is een skepticus. Dat betekent dat je overal tegenaan stuitert om te kijken of het wel bestaat. En als je niet kunt stuiteren, verwerp je het bestaan gewoon. Als je er immers niet tegen kunt stuiteren, heeft het voor jou geen functie, en kun je zonder problemen het bestaan ontkennen. Mocht je er op een later stadium toch tegenaan kunnen stuiteren, dan zul je er van hartelust op los stuiteren. Uiteindelijk wil je namelijk de ware aard van alles blootleggen. Een ware skepticus is namelijk de meest fundamentele idealist.

Ergo, je bent niet van porselein.
Je bent een stuiterbal.
Q.E.D.
En nou stuiteren!

(Voor skeptici: Deze bewijsvoering is geheel opgesteld volgens Euclides' Geometrische Vorming.)

15.9.09

what poem?

'tis with these wondering charms
of wuthering blossoms
eventually raising a brow
of what all of this means
if not for poems of lingering length
I'd awake of fullest strength

Speak! Speak to me of Virtue
and behold! The name is gone
and replaced by none other
but the very essence of my sad
oh! my eye keeps on lurking
another way
I hide and sleep in bushes so sincere
they would be mere bushes no more
and speak to me of rhyme
I can't spell Just
(the way it must)
I shall now leave
and go on to beheeve
another word my dictionary
as of yet has not revealed

14.9.09

Sp1noza2 - Dual1sme

Een verzet tegen (cartesiaans) dualisme houdt in dat je geen onderscheid wilt maken tussen lichaam en geest in die zin dat je ze als twee verschillende werelden zou beschouwen die binnen de mens wel op een bepaalde manier met elkaar verbonden zijn. Spinoza wil dit dualisme wegredeneren door één oneindige wereld te scheppen waarbínnen alle eindige dingen ontstaan en vergaan. Het geestelijke (bij Spinoza het intellect genoemd) mag dan wel een aparte notie zijn, maar ontstijgt op geen enkele manier die ene oneindige substantie waar'in' alles zich bevindt. Wat Spinoza hier doet, is het vervangen van het ene dualisme door een ander (wellicht verfijnder en minder primitief gedacht) dualisme: het onderscheid tussen al het eindige en dat oneindige. Weliswaar kun je bij hem het ene niet zonder het andere denken, omdat het eindige een noodzakelijke eigenschap is van het oneindige en het oneindige de noodzakelijke grond is van het bestaan van al het eindige, maar toch blijft het erop neer komen dat Spinoza een artificiële "oneindigheid" in het leven heeft geroepen om al het eindige met meer contrast te kunnen definiëren. Ik ben nog niet tevreden.

11.9.09

Sp1noza

Je kunt stellen dat mensen dingen naar hun eigen inborst benoemen: al snel wordt iets algemeen vies of lelijk, en is het niet meer alleen ons eigen perspectief dat die adjectieven toedeelt. Maar waarom zou je dat ook niet voor veel meer dingen kunnen stellen? Waarom is iets zwakker wanneer het niet noodzakelijk moet bestaan maar ook niet kan bestaan? Iets dat noodzakelijk altijd moet bestaan en dus oneindig is lijkt bij Spinoza een absolute voorkeur te hebben. Het is dan ook de basis van zijn filosofie en volgens hem het beginpunt van de reconstructie van de wereld (uitlopend in de analyse van het menselijk denken). Spinoza bouwt een wiskundig bouwwerk om aan te tonen dat die ene, oneindige substantie (zij het God of Natuur) een onontkoombaar begrip is voor elke wereldbeschouwing. Oneindigheid is alleen net zozeer deel van het welles-nietes spel als mooi tegenover lelijk. Met dat verschil dat we alleen eindigheid kennen en ervaren, en dat er voor een idee van oneindigheid in den beginne uit ons voorstellingsvermogen geput moet worden. Spinoza had een groot voorstellingsvermogen, dat is in ieder geval de eerste en zeer positieve conclusie die we mogen trekken. Meer zullen er vast en zeker volgen.